Rowwad Vertaalcentrum — 522
51:31 (Ibraahiem zei): “Met welk doel zijn jullie gekomen, o boodschappers?”
51:32 Zij zeiden: “Wij zijn tot een volk gestuurd dat misdadig is;
51:33 Om stenen van klei naar hen te sturen.”
51:34 Gekenmerkt door jullie Heer voor de overtreders.
51:35 Dus Wij hebben de gelovigen naar buiten (uit de stad) gebracht.
51:36 Maar Wij vonden geen enkel huis van de gelovigen, behalve één (van Loet).
51:37 En Wij hebben daar een teken achtergelaten voor degenen die een pijnlijke bestraffing vrezen.
51:38 En bij Moesa. Toen Wij hem naar Farao stuurden met een duidelijk bewijs.
51:39 Maar (Farao) keerde zich af tezamen met zijn legers, en zei: “Een tovenaar of een dwaas.”
51:40 Dus namen Wij hem en zijn leger, en gooiden hen in de zee terwijl hij schuldig was.
51:41 En bij de ‘Ad toen Wij naar hen een orkaan naar hen toezonden;
51:42 En er was niets waar het (de wind) mee in aanraking kwam of het werd daardoor vernietigd.
51:43 En bij de Thamoed toen hen verteld werd: “Vermaak jullie maar voor een bepaalde periode!”
51:44 Maar brutaal minachtten zij het bevel van hun Heer, dus de bliksemflits overmeesterde hen terwijl zij toekeken.
51:45 Toen waren zij niet in staat op te staan, noch konden zij zichzelf helpen.
51:46 (Zo was) het volk van Noeh vóór hen. Waarlijk, zij waren een volk dat verdorven was.
51:47 Met kracht hebben Wij de hemel gebouwd. Waarlijk, Wij zijn in staat om de omvangrijkheid en ruimte daarvan uit te breiden.
51:48 En Wij hebben de aarde uitgespreid, wat een uitmuntende spreider zijn Wij!
51:49 En alles hebben Wij in paren geschapen, dat jullie er lering uit zullen trekken.
51:50 Vlucht dus naar Allah (d.m.v. berouw, gehoorzaamheid en vermijding van zonden), (want) waarlijk, ik (Mohammed) ben (door) Hem naar jullie (gezonden) als een duidelijke waarschuwer (voor Zijn beangstigende bestraffing).
51:51 En (waag het niet) om eender welke andere god (in aanbidding) te verenigen met Allah. Voorzeker, ik ben voor jullie en op Zijn gezag een duidelijke waarschuwer.