>

Rowwad Vertaalcentrum — 504

46:15 En Wij hebben de mens opgelegd om goed voor zijn ouders te zijn. Zijn moeder draagt hem in pijn en brengt hem voort in pijn en de zwangerschap van hem en het zogen van hem is dertig maanden; als hij de volledige kracht heeft en veertig jaar is geworden, zegt hij: “Mijn Heer! Geef mij de kracht en de mogelijkheid om dankbaar te zijn voor Uw gunsten die U mij en mijn ouders heeft gegeven, Zodat ik goede daden mag verrichten die U genoegen doen en maak mijn nageslacht rechtschapen. Waarlijk, ik keer mij vol berouw tot U, (want) ik behoor tot één van de moslims.”

46:16 Dat zijn degenen van wie Wij het beste van hun daden aannemen en hun slechte daden vergeven (negeren). (Zij zullen) onder de bewoners van het paradijs zijn, een belofte in waarheid, wat hen beloofd is.

46:17 Maar degene die tegen zijn ouders zegt: “Foei jullie! Waarschuwen jullie mij dat ik opgewekt zal worden, terwijl de generaties vóór mij overleden zijn (en er nog niet één is opgestaan uit zijn graf).” Dan roepen zij (de ouders) Allah aan voor hulp (en zeggen tegen hun kind): “Wee voor jouw geloof! Waarlijk, de belofte van Allah is waar.” Maar hij zegt: “Dit zijn niet anders dan verhalen van de vroegeren.”

46:18 Dat zijn degenen waarvoor het woord gerechtvaardigd is onder de voorafgaande generaties van djinn en mensen. Waarlijk! Zij zijn de verliezers.

46:19 En voor allen zullen er gradaties zijn in overeenstemming met hun daden. Zodat (Allah) hen volledig voor hun daden zal vergoeden, zonder dat hen daarbij onrecht wordt aangedaan.

46:20 De dag waarop zij die ongelovig waren, aan het vuur zullen blootgesteld worden. (Hun zal gezegd worden): “Jullie verbruikten jullie goede dingen tijdens jullie wereldse leven. Bovendien hebben jullie ervan genoten! Op deze dag zullen jullie vergoed worden met een vernederende bestraffing, want jullie liepen onterecht hoogmoedig over het land en (daarenboven) leefden jullie in zonde en losbandigheid.”